Hoe wordt smartengeld vastgesteld?

20 maart 2012

Bij de vaststelling van de omvang van smartengeld is het raadzaam een onderscheid te maken naar de wijze van vaststellen, de voor de vaststelling relevante factoren en de uiteindelijke hoogte van het smartengeld.

Vaststelling smartengeld

De vaststelling van de hoogte van het smartengeld is niet eenvoudig. Artikel 6: 106 BW (Burgerlijk Wetboek) bepaalt slechts dat de schadevergoeding naar billijkheid moet worden vastgesteld. Uit de parlementaire geschiedenis, zeg maar de onderbouwing die tot de wet heeft geleid, blijkt dat dit betekent dat de rechter bij de vaststelling van het smartengeld rekening moet houden met alle omstandigheden van het geval.

Met welke factoren wordt rekening gehouden?

Omdat vaststelling van de omvang van het smartengeld een aangelegenheid is voor de feitenrechter, is er weinig jurisprudentie van de Hoge Raad waaruit blijkt wat nu relevante omstandigheden zijn bij de vaststelling van de hoogte van het smartengeld.

In het zogenoemde HIV-besmettingsarrest (HR 8 juli 1992, NJ 1992, 714) heeft de Hoge Raad niettemin geoordeeld dat enerzijds de aard van de aansprakelijkheid en anderzijds de aard, de duur en de intensiteit van de pijn, het verdriet en de gederfde levensvreugde bij de vaststelling van de omvang van het smartengeld van belang zijn. Ook in uitspraken van lagere rechters blijkt dat gekeken wordt naar de zogenaamde relevante factoren/omstandigheden, zoals:

  1. de aard en de ernst van het letsel
  2. de aard, omvang en duur van het leed
  3. de medische, psychiatrische of psychologische behandeling
  4. de mate van invaliditeit (medische invaliditeit/functionele invaliditeit)
  5. de aard van de aansprakelijkheid
  6. de mate van bewustzijn
  7. predispositie

Op welke wijze wordt de hoogte van het smartengeld bepaald?

Hoewel bij de vaststelling van de hoogte van het smartengeld ook naar rechterlijke uitspraken in andere landen kan worden gekeken, is de leidraad bij het vaststellen van de hoogte van het smartengeld als regel het overzicht van eerdere Nederlandse rechterlijke uitspraken. Deze uitspraken worden eens per drie jaar als bijzonder nummer van Verkeersrecht uitgegeven (de zogenaamde Smartengeldbundel).

Naast de Smartengeldbundel wordt bij het vaststellen van de hoogte van het smartengeld ook wel gebruik gemaakt van de in 1984 geïntroduceerde Smartengeldformule van de Verbondscommissie Schaderegelingsbeleid van het Verbond voor Verzekeraars, de piramide van Van der Veen en het computerprogramma DOLOR.

Voorbeeld van toegekende smartengeld bedragen

Omdat bij de vaststelling van de omvang van het smartengeld met name een vergelijking naar de ernst van het letsel wordt gemaakt, wordt in de literatuur met regelmaat aandacht geschonken aan het hoogst toegekende smartengeldbedrag. Als voor het ernstigst denkbare letsel een hoger bedrag wordt betaald dan eerder maximaal betaald werd, dan zou dat immers over de hele linie gevolgen kunnen hebben.

De verwachte explosieve stijging van het smartengeld over de gehele linie naar aanleiding van de toekenning in het HIV-besmettingsarrest in 1992 van ƒ 300.00,00, is uitgebleven. Met de komst van de euro is het echter wel duidelijk dat ook hierin een kentering is gekomen.

Heeft u letsel opgelopen en wilt u gratis hulp bij het bepalen van uw schade? Bel ons gerust op bovenstaand nummer 0800 – 0112 (gewoon lokaal tarief!).

Dé rechtshulp en startpagina bij letselschade

GratisDirect hulp Bel Gratis0800 - 0112
Meer artikelen in deze categorie